Tanzania Safari 2025
Jagen met de Hadzabe Stam
De volgende dag moesten we vroeg opstaan voor een bezoek aan een andere stam, de Hadzabe. We zouden met een paar leden van de stam gaan jagen. Van te voren konden we ons geen voorstelling maken wat we zouden kunnen verwachten.
Bij aankomst kregen we eerst uitleg over het gebruik van de pijl en boog en dat ze, afhankelijk van hoe groot het dier is dat ze zien en willen schieten, een ander soort pijl gebruiken. Voor kleine vogels gebruiken ze een
andere pijl dan ze bijvoorbeeld voor een impala zullen gebruiken. De leden van de Hadzabe stam spraken geen Engels, maar ze spraken in hun eigen taal met allerlei klik geluiden. De gids vertaalde het voor ons.
Na de uitleg hebben we geoefend met het gebruik van de pijl en boog. Er bleek aardig wat kracht nodig te zijn om de boog te kunnen spannen. Vervolgens zijn we op jacht gegaan. Wij samen met Ali en de gids liepen achter de mannen
van Hadzabe stam aan. Maar ze liepen behoorlijk snel, we konden ze amper bijhouden. Als ze een vogel zagen slopen ze er stil op af om ze niet weg te jagen. Niet iedere poging was succesvol en bij een misser was het soms lastig
om de pijl terug te vinden. Uiteindelijk hebben ze alleen twee kleine vogeltjes geschoten, blauwnekmuisvogels. Een geschoten vogel die nog niet dood was beten ze met hun tanden dood door een beet in de nek van de vogel.
Eenmaal terug in het kamp werden ze ontdaan van de veren en op de 'BBQ' gelegd.
Omdat twee kleine vogeltjes waarschijnlijk te weinig eten was voor iedereen, werd ook een eerder geschoten dier ontleedt en op de 'BBQ' gelegd. De hond keek verlekkerd toe en kreeg ook zo af en toe wat ingewanden toegeworpen
die gulzig naar binnen werden geschrokt. Wij waren blij dat we niets aangeboden kregen van het 'gebraad'.
Na het bezoek aan de Hadzabe stam hebben we bij de auto het meegebrachte ontbijt gegeten en vervolgens zijn we na nog een korte stop bij een uienveld terug gereden naar de lodge waar we de rest van de dag relaxend hebben
doorgebracht. In de middag hebben we nog een wandeling langs het meer gemaakt en verder in de bar gezeten, wat lokale biertjes gedronken en met de overige gasten en het personeel gepraat.
Acacia Farm Lodge
Na twee nachten aan het Eyasi meer was het tijd geworden om te vertrekken naar Karatu waar we twee nachten verbleven in een schitterende en luxe lodge, Acacia Farm Lodge. We hadden hier een behoorlijk groot chalet met
een privé butler, Frank, en een privé huishoudster, Veronika. 's Middags, na de lunch, zijn we met een bioloog over het terrein gewandeld waar we ook weer diverse vogels hebben gezien. De lodge heeft ook een
grote tuin waar groente en fruit wordt verbouwd. Ook wordt er koffie verbouwd die ze zelf branden en die in het restaurant wordt geschonken. Er worden zelfs varkens gehouden voor het vlees.
Ngorongoro Krater
Zondag 24 augustus zijn we naar de Ngorongoro Krater gegaan, onderdeel van het veel grotere Ngorongoro Conservation Area (bekijk de mooie video op deze website). Dit is geen nationaal park omdat er ook mensen wonen, de Masai die hun vee
laten grazen en drinken in de krater. De krater is de grootste intacte caldera ter wereld met een diameter van 19 km en een oppervlakte van ongeveer 260 km². Ze is zo'n 2 tot 3 miljoen jaar geleden ontstaan uit een vulkaan
die zo'n 5 km hoog moet zijn geweest. In de krater leven zo'n 25.000 grote zoogdieren en het is daarmee één van de dichtstbevolkte wildgebieden ter wereld. Bijna alle grote Afrikaanse dieren komen er voor: zebra's,
gnoes, zwarte neushoorns, olifanten, leeuwen, luipaarden en nijlpaarden. Alleen de giraffe zul je er niet vinden omdat zij door hun lange nek en poten de steile afdaling naar de bodem van de krater niet kunnen maken.
Via een slechte weg zijn we naar de krater gereden. Bij een uitzichtspunt op de kraterrand zijn we gestopt vanwaar je een schitterend uitzicht hebt over de krater met daarin een alkalisch meer, het Magadi meer. Eenmaal afgedaald
in de krater zijn we er kriskras doorheen gereden waarbij een grote hoeveelheid aan dieren hebben gezien. Bij een picknickplaats zijn we gestopt om de meegebrachte lunch te nuttigen. Tegen het einde van de dag zagen we heel
in de verte een zwarte neushoorn lopen. Maar eigenlijk te ver weg om er een goed foto van te maken, zelfs met Arjan's telelens.
Olduvaikloof
Na twee nachten in de Acacia Farm Lodge zijn we weer verder gegaan naar het volgende park. Onderweg zijn we gestopt bij de Olduvaikloof, een steil ravijn in de Grote Slenk en één van de belangrijkste
archeologische vindplaatsen ter wereld. Het wordt ook wel de 'Wieg van de Mensheid' genoemd. De daar gedane ontdekkingen hebben het inzicht in de evolutie van de eerste mensen verdiept. Volgens sommige onderzoekers was
hier miljoenen jaren geleden een groot meer waarvan de oevers waren bedekt met lagen vulkanische as. Ongeveer 500.000 jaar geleden veranderde seismische activiteit de loop van een riviertje dat zich vervolgens een weg
baande door de sedimenten en zeven belangrijke lagen in de kloof blootlegde. Een aantal van deze lagen is nog steeds duidelijk zichtbaar in een grote rots die zich voor een uitzichtspunt bevindt. De lagen vulkanisch
as en steen maken datering van de voorwerpen die in die verschillende lagen zijn gevonden mogelijk. De oudste gevonden voorwerpen zijn ongeveer 2 miljoen jaar oud en er zijn fossiele resten gevonden van 2½ miljoen jaar oud.
Naar de Serengeti
Na de Olduvaikloof de volgende korte stop op de grens tussen het Ngorongoro Conservation Area en het Serengeti National Park. Vervolgens was het nog zo'n 20 minuten rijden was naar de Naabi Hill Gate, de hoofdingang van het
Serengeti National Park, gelegen op een heuvel. Hier waren ook tafeltjes waar we de meegebrachte lunchboxen hebben genuttigd. Na de lunch heeft Ali de registratie gedaan, dat duurde erg lang en uiteindelijk was het niet gelukt
omdat het internet het nietdeed. De registratie moet op een later tijdstip nog een keer gebeuren. Vervolgens was het nog zo'n 80 km rijden naar het volgende kamp waarbij we uiteraard weer diverse dieren hebben kunnen spotten.
Na een lange middag rijden over erg slechte wegen kwamen we 's avonds rond zes uur, net voor zonsondergang, aan bij het volgende kamp, het Serengeti Kati Kati Tented Camp, ons verblijf voor de komende vier nachten. De tent was
voorzien van een toilet en een emmer douche. Je kon aan het personeel doorgeven hoe laat je wilde douchen en dan kwamen ze met een grote emmer heet water waarmee een emmer buiten de tent werd gevuld. Dat was voldoende voor
ongeveer vijf minuten douchen. Elektriciteit werd geleverd door een zonnepaneel die een accu in de tent oplaadde, dat was alleen voor de verlichting. Er was dus geen netspanning in de tent. Telefoons en dergelijke kon je opladen
in de hoofdtent waar ook het restaurant was.



